Hij zat al een tijdje naar haar te staren. Ze zat stil in een hoekje te schrijven. Voor haar een glas latte macchiato en een groot stuk appeltaart. Haar witte blouse stond mooi bij haar rode broek met gerende pijpen, over de stoel hing nog een zwarte leren jasje. Ze had wel stijl. Langzaam stond hij op en liep naar haar toe. Op de grond lag haar gebloemde sjaal. Hij bukte om hem op te rapen en vroeg: Is deze van jou?
Verrast keek ze op, lachte verlegen en zei ja. Mag ik bij je komen zitten vroeg hij en pakte meteen een stoel onder de tafel vandaan en ging zitten. Ze was te verrast om nog wat te zeggen en knikte gelaten. Wat ben je aan het schrijven vroeg hij en trok het schrift naar zich toe. Haar handen vielen stil op de tafel, haar beweging om het schrift terug te pakken verstilde. Dit was ze duidelijk niet gewent. Inwendig lachte hij, hij had het goed aangevoeld, zijn observatie was dus toch goed geweest. Een stil, teruggetrokken type, verlegen en duidelijk niet gewent aan direct contact. Wat drink je vroeg hij, maar wachtte haar antwoord niet af en bestelde nog een latte macchiato en voor zich zelf een espresso. Onderwijl begon hij in haar schrift te bladeren en delen te lezen. Hij zag gedichten, reisverslagen en korte verhaaltjes. Leuk zei hij, ik schrijf ook en geef verhalen uit. Zou je niet voor mij willen gaan schrijven vroeg hij haar. Ze keek bedenkelijk nog steeds niet op haar gemak vroeg ze: Maar ik ben helemaal niet zo goed in schrijven. Ik ga nog regelmatig naar het schrijverscafe hier in Coffee Corazon om nieuwe dingen te leren. Hij keek haar doordringend aan, keek nog eens in haar schrift en zei: O daar ken ik je dus van, je kwam me al zo bekend voor. Daar ben ik ook al een paar keer geweest. Verbaasd zei ze: Dan heb ik je zeker niet opgemerkt. Leuk!
Maar wil je echt niet een verhaal schrijven wat ik voor je kan beoordelen en misschien kan uitgeven in een blad waar ik voor werk? Ze dacht even na en stil zei ze ok.
Maar waar moet dat dan over gaan? Hij dacht even na en gaf antwoord: Reizen, een kort verhaal van mij part een sprookje. Daar kan ik wel wat mee. Als jij dat wil doen heel leuk. Maar hoe en waar moet ik dat dan heen sturen vroeg ze , ik ken je helemaal niet. O, sorry was zijn antwoord, ik heet Johan. En jij? Ik heet Lenie zei ze zachtjes. Mooie naam zei hij. Laten we over een week hier weer afspreken dat heb jij je verhaal af en dan regel ik weer koffie voor je met appeltaart. Hij gaf haar het schrift terug en hield gelijk even haar hand vast. Hij voelde dat ze eigenlijk haar hand wilde terugtrekken maar dat toch niet deed.
Ik betaal zei hij en stond op. Ik moet er weer vandoor. Ze leek bijna opgelucht. Onderweg naar de kassa keek hij nog even om, ze was al weer druk aan het schrijven.
Buiten gekomen lachte hij haast hardop, dat ging makkelijk. Ze wist niet dat hij haar al 2 weken iedere dag volgde. Hij liep fluitend de Krommestraat uit richting het Havik. Hier ging hij nog een hoop plezier aan beleven.
Binnen zat Lenie zich vertwijfelt af te vragen af ze de man nou echt al eerder had gezien.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten